Pamela Kribbe channelt Jeshua
Lieve mensen,
Dank jullie wel voor jullie komst hiernaartoe vandaag. Op dit moment zijn jullie als een fakkel van licht op deze aarde door jullie moed en doorzettingsvermogen, want die heb je nodig om de angst in jezelf onder ogen te zien en te overwinnen. Diep is het verlangen in jullie ziel om jezelf te zijn, om je vleugels uit te slaan en hier op aarde te manifesteren wat er diep in je hart leeft.
Juist in dit uitslaan van je vleugels kom je zoveel oude angsten tegen, en ook pijn, verdriet en herinneringen aan verlatenheid. Die vleugels willen maar niet uitslaan, lijken beladen te zijn, besmeurd met pek, met oude modder. Beklemmend kan het zijn, die strijd in jezelf om werkelijk je licht te vinden en te durven neerzetten op deze aarde, want die geeft jullie wel liefde en verwantschap, maar boezemt jullie ook vaak angst in. Want jullie zijn hier niet voor de eerste keer. Zeker niet. Vele malen zijn jullie al hier geweest, als mensen belichaamd in de materie; jullie hebben weerstand ontmoet, hebben ervaren hoe het is om afgezonderd te zijn, om isolement te kennen en niet geaccepteerd te worden volgens de algemeen geldende normen en standaarden.
Jullie komen hier dus met angst in je geheugen en herinneringen aan verstoten zijn. En dit leeft in jullie allen sterk zonder dat je precies weet waar het vandaan komt. Het gaat vaak verder terug dan alleen dit huidige leven.
Ik vraag jullie: voel dit maar voor een moment in jezelf – deze donkere kant van angst en verslagenheid – en heb er respect voor. Stel je maar voor hoeveel moed het van je vraagt om weer die incarnatiesprong te wagen, terwijl je in je rugzak zoveel angsten en herinneringen aan niet welkom zijn met je meedraagt. Stel je maar voor hoe helder die fakkel van licht binnen in je hart wel niet moet branden, want je hebt het toch gedaan, in het vertrouwen dat het deze keer gaat lukken, dat je een weg zult vinden en een plek op aarde die jou toebehoort en waar jij je licht kan laten stralen. En die plek is er, en die is dichterbij dan je denkt.
Soms worden jullie zo door je angsten besprongen en er ook door misleid, dat je gaat denken dat er geen weg voor je is, je ervaart hopeloosheid. Maar dat is niet zo, want juist in het onder ogen zien van je angsten en daarmee weten om te gaan, vertoont zich het lichtwerk dat je wilde doen op aarde. Vaak nog zien jullie je eigen angsten, je emoties van ongeduld, verzet, frustratie, en teleurstelling, kortom de hele emotionele warboel die er in je kan heersen als een blok aan je been. Je denkt: hé, als ik dat blok nou kwijt was, dan zou ik gewoon kunnen leven zoals ik dat wil. Dan zou ik gelukkig kunnen zijn op een makkelijke en vrije manier. Maar in dat blok aan je been zit nou juist je missie, daar zit je roeping. Dat blok schreeuwt om je aandacht. Het wil niet afgeworpen worden en in de steek gelaten. Het wil opgepakt en begrepen worden. Het is niet alleen een last.
Ik wil jullie uitleggen wat angst betekent, wat voor rol deze speelt in jullie wordingsproces en wat jullie missie is hier op aarde.
Met een beeld wil ik dit verduidelijken. Stel je maar voor dat je in een donker bos loopt, nog voor het ochtendgloren. Het leven sluimert nog, maar kan elk moment wakker worden. In dat donkere bos loop jij, en je voelt het mysterie ervan.
Stel je maar voor dat je op blote voeten over de bosgrond loopt…of je zit onder een boom en je voelt de dikke wortels van die boom de aarde ingaan … of je leunt tegen de stam en je voelt het leven door de boom stromen. … Je bent vervuld van een verwachting, een gevoel van mogelijkheden. Je voelt dat het bos leeft en begint te ontwaken. Hierdoor voel je je van binnen heel vredig. Het is alsof je het allemaal al weet, al snapt. De wonderen van het leven zijn je bekend: hoe de plantjes groeien, hoe de vogels fluiten, hoe de dieren slapen en bijna wakker gaan worden, hoe het leven zichzelf reguleert in het grote woud. Het is je zo vertrouwd. Het is net alsof je het zelf gemaakt hebt, alsof je zelf de schepper bent van dit alles. En je lacht stilletjes in jezelf. Je geniet van het evenwicht, de harmonie op deze plek, en. ook van het donker, het deert je niet. Je bent niet bang in het bos, het is je zo vertrouwd. Het universum ligt aan je voeten. En nu ga je even zitten, je leunt tegen zo’n dikke boomstam en je voelt het contact met de aarde. Je voelt letterlijk de energie van het woud en de aarde door je vingertoppen en je tenen omhoog stromen en je omarmen. Wat is het woud blij dat jij er bent! Het woud ervaart jou een beetje als zijn schepper.
Heel stilletjes zit je daar dan; je voelt het leven kloppen door het bos, maar ook door jezelf, door je hart; dat voel je kloppen; je voelt hoe het bloed in je lichaam stroomt, en dat het goed is zo. Verlangend kijk je uit naar de komende dag met al het leven dat zich dan gaat ontvouwen, naar de zon die gaat stralen. Je hebt het volste vertrouwen dat alles goed gaat lopen en dat jij niets hoeft te doen. Het is genoeg om er gewoon te zijn. Het is alsof je het leven in het bos af en toe toeknikt en het vertelt hoe mooi het is. Dat is genoeg. En de bloemen knikken en lachen je toe, terwijl de vogels in een taal lijken te zingen die jij heel makkelijk begrijpt.
Dan hoor je een geluid dat afwijkt van de harmonie in het bos. Je hoort een kind huilen. Je hoort hoe het erbarmelijk schreeuwt, en je weet niet waarom. Innerlijk roep je nu dit kind. Je kunt het niet zien, maar je zendt een roep uit, een signaal naar het kind toe: kom bij me, ik zal je helpen. Dan begin je te lopen; je loopt op je gevoel. Dan hoor je hoe het geschreeuw harder wordt, het geschreeuw van een kind dat hulp nodig heeft, zich verdwaald voelt en zich wel heel alleen moet voelen.
Dan zie je het kind op het pad voor je verschijnen. Het rent naar je toe. Je ziet dat het zich ellendig en verdwaald voelt. Tranen stromen over haar of zijn wangen en het lichaampje is uiterst gespannen. Wat doe je? Wat is je eerste reactie naar het kind toe dat jou tegemoet rent? Wat voel je van binnen?
Kniel nu neer voor dit kind en neem het in je armen, want het heeft hulp nodig, het heeft jou nodig. Vertel het kind nu iets waardoor het rustig wordt. Zeg maar wat er in je opkomt. Het hoeft niet veel meer te zijn dan: ik ben bij je, je kunt nu uitrusten, je hoeft niet meer ongerust te zijn.
Dan begint het kind te vertellen waar het allemaal bang voor is, wat het heeft gezien. Was er een monster of spook in het bos? En is dat verjaagd? Is het z’n ouders kwijt? Of is er iets anders? Geef het kind wat het nu nodig heeft. Neem het in je armen, neem het op schoot, geef het rust en vertrouwen. Laat zo je energie naar dit kind toestromen en omhul het met jouw liefde.
Vraag je nu af: wat doet het kind in dit bos? In dit serene, mystieke woud waar alles een plek lijkt te hebben en een eigen bestemming lijkt te vinden op een heel natuurlijke manier? Hoe kan het dat dit kind hier niet die eenheid voelt en die verbondenheid, maar in angst leeft?
Dit kind, dat ben jij, geïncarneerd op aarde in een systeem, een energie van illusies. Dit kind heeft ja gezegd tegen het leven, want het is er. Maar vervolgens is het verstrikt geraakt in die illusie van angst. Daarbij voelt het zich hulpeloos, weerloos, kwetsbaar. Het zit vol angst. Dit kind vertegenwoordigt jouw angst.
Nu gaat het erom hoe jij omgaat met dit kind. Het gaat erom hoeveel liefde en geduld jij kunt opbrengen in je omgaan met dit kind. Dat zal jouw dag in het woud bepalen, want je bent hier niet alleen om te kijken naar het woud, het in je op te nemen, maar je bent hier ook om het licht te laten stralen en de energie van het woud te verspreiden op plekken waar harmonie, eenvoud en evenwicht niet vanzelfsprekend zijn. En daarbij heb je het kind nodig, want jullie vormen een team. Het kind is dus niet alleen een verstoorder van je rust of een probleem dat je moet oplossen, maar de wegwijzer naar verdieping, naar het aangaan van de angst in jezelf. Waarom is dit onderdeel van je proces? Waarom ben je hiertoe geroepen? Wat heeft die angst dan voor positieve kant?
Dat je een team moet vormen met dit kind, dit bange kind. Het kind in jou vertegenwoordigt je gevoel, je passie.
In de schepping kun je twee elementen onderscheiden. Vaak worden die gezien als goed en kwaad, maar dat is niet zo. De twee elementen die met elkaar een spel spelen, zijn de engel en het kind. Andere woorden daarvoor zijn weten en ervaren.
Die wijze vrouw of man die jij was in het bos – die engel – die weet. Die heeft een ‘oerweten’ dat niet eens in woorden uitgedrukt hoeft te zijn. Het is een begrip van de eenheid van alle dingen en de veiligheid en de zekerheid die daarbij horen.
Het kind daarentegen is de pool van het ervaren. Het kind weet niet, maar voelt heel veel en heel diep. Het kind vertegenwoordigt de emoties, de gevoelens. In de engel is er ooit een verlangen geweest om te voelen, om te ervaren, om heel diep gevoelsinhouden te kennen, en daarin ook geluk en vervulling te ontvangen.
Het kind vertegenwoordigt het deel in jou dat niet alleen wil kijken naar een boom en genieten van de schoonheid ervan, maar die de boom wil zijn, die wil leven, groeien en bloeien. Het kind vertegenwoordigt dus ook het leven in jou, het is het avontuurlijke deel in je dat passie en vrijheid zoekt om zichzelf te ontwikkelen en te ontplooien. Het kind is het meest vitale en meest krachtige deel in je, maar het is ook in staat je naar de rand van de afgrond te duwen, naar de duisternis, omdat het de binding kan kwijtraken met de engel in jou, het wetende stuk dat alles begrijpt en doorziet.
Het gaat er dus om in het hier en nu je emoties te herkennen en daarin het kind te zien dat jou aan de ene kant veel last bezorgt – want zo ervaar je dat – maar dat aan de andere kant ook de sleutel is tot leven, tot passie, tot diep voelen en ervaren.
Angst is een deel van het innerlijk kind. Het is niet deel van jouw zijn als engel. In je engelbewustzijn weet je dat angst een illusie is, dat je kunt vertrouwen. Het gaat erom die innerlijke kennis over te brengen op het kind in jezelf. De eerste stap daartoe is je niet te verzetten tegen de aanwezigheid van het kind in je, het niet te zien als een blok aan je been, maar als een sleutel tot het leven, tot het dieper doordringen in de ervaring. Het kind – het vitale deel in je – zorgt voor expansie, zorgt ervoor dat de energie van god of thuis werkelijk uitgezonden wordt naar delen van het universum waar die energie niet vanzelfsprekend is. Het kind is de bron van vernieuwing en innovatie.
Jullie allen voelen je geroepen je licht neer te zetten in deze werkelijkheid. Jullie allen hebben herinneringen in je van de energie van thuis, hoe het voelde in dat woud met zijn eenvoud, rust en mysterie.
Het is jullie uitdaging om de hand te pakken van dat kind, dat schijnbaar de rust verstoort in het woud, en het kind te geloven. Te voelen dat het een positieve kern heeft, dat het onschuldig is en dat het wil leven, liefhebben en gelukkig zijn. En dat jij het kan helpen het vertrouwen te hervinden. Het is belangrijk dat jij luistert naar het kind en dat het kind in jou luistert naar jou. Het is geen eenrichtingsverkeer. Jullie zijn elkaars leraar.
Hoe werkt dit? Op ‘t moment dat je in jezelf angst, boosheid of verdriet voelt, is het belangrijk je voor te stellen dat jij die engel bent, die wijze of die magiër die in dat bos staat, en dat jij het kind bij je neemt. Dat je het verwelkomt en dat jij je over het kind heen buigt en het vraagt wat het nodig heeft van jou.
Soms is het alleen een gevoel, is het alleen even weer dat innerlijk weten, dat kloppend hart: dat je weet dat de dingen van nature goed komen, hun weg vinden. Soms hoef je alleen dit vertrouwen aan het kind te geven en dan kan het kind je ook positieve boodschappen gaan geven. Het kind kan heel specifiek zijn, het zegt: ik wil dit, ik wil niet dat. Jij, de magiër, kent talloze mogelijkheden en je speelt met die mogelijkheden in je hand als een jongleur met ballen. In wezen maakt het de wijze niets uit wat hij doet, maar het kind in je is wel specifiek. Die wil dit, en niet dat. Die wil zo’n huis, en niet zo’n huis. Die wil een bepaald soort werk, die zoekt een bepaalde vorm. Niet omdat dat moet, maar omdat het kind ervaart dat het zich daarin het beste kan uitdrukken. Het kind zoekt het plezier van creativiteit en vervulling in specifieke dingen.
Om verder te komen in je leven, stappen te zetten naar innerlijke vervulling, is de samenwerking met het kind dus heel belangrijk. Het gaat om wederzijds naar elkaar luisteren. Zolang je tegen je emoties vecht kan dat spel, dat teamwerk, niet tot stand komen. De eerste stap naar zelfheling is dus altijd je emoties te zien in de ogen van het kind en het vervolgens bij je te nemen, te omarmen en verwelkomen; vraag het vervolgens wat het van jou nodig heeft. Als het kind zich ontspannen voelt en jou vertrouwt, kan het ook jou raadgevingen en hints geven door te zeggen: ik wil dit, ik wil dat, ik heb hier zin in, dat vind ik leuk. En dan kun je samen op weg.
Het deel in jou dat angstig is en dat jou blokkeert, daarin zit ook altijd de sleutel naar de toekomst, naar de richting waar je naartoe wilt. Door de angst te ontdooien, kan het kind gaan spreken. In het kind zetelt je passie, je hartstocht. En het heeft ook iets geheimzinnigs. Het wil soms iets gewoon omdat het dat wil, omdat het dat zo voelt. Je kunt dat dan niet beredeneren. En toch geeft het kind de juiste weg aan.
Als je het kind in jezelf kunt volgen en je vertrouwt erop dat er dingen op je weg verschijnen als die nodig zijn, dan wordt het leven weer een beetje magisch. Dan hoef je niet alles te beredeneren en te analyseren. Je hoeft alleen maar de hand van het kind stevig vast te houden. Dan zul je merken dat de werkelijkheid gaat meewerken om jouw verlangens waar te maken.
Weet dus altijd, wanneer angsten je blokkeren, dat daar een kind aan je deur klopt, en dat het jou in wezen komt helpen om dingen in de materie te zetten, echt te incarneren. Sluit vriendschap met dit kind in je, en praat ermee. Geef het de tijd om haar of zijn angsten los te laten. Denk maar aan hoe dat werkt bij een kind dat je kent. Als dat angst moet loslaten, heeft het veel geduld en vertrouwen nodig. Geef dit ook aan jezelf.
Jullie hebben allen een lange reis gemaakt door vele levens heen. In die vele levens heb je ook veel angsten meegemaakt/ Die in jezelf op te lossen, is dus niet iets wat je maar eventjes tussen neus en lippen door doet. En het is ook niet een tussenstop. Nee, het is het doel van je reis die angsten innerlijk op te lossen. Want dat is precies de energie die je dan te delen hebt met anderen. Als je geduldig en liefdevol kunt zijn ten aanzien van je angsten, dan sluit je werkelijk vrede met jezelf, met aan de ene kant het uiterste van de wetende engel en aan de andere kant dat van het bange kind, dat voor zoveel wanorde kan zorgen in je leven. Zie dat het een kind is. Zie dat het onschuldig is. Als je die eenheid in jezelf kunt voelen en zo kunt leven met je angsten, dan ben je een eenheid. Je vecht dan niet meer met jezelf. En dat scheelt een hele hoop spanning, denken en zorgen. Dan ben je samen op weg. Het is een avontuur; stel je daarvoor open. Elk moment dat je in liefde besteedt aan je innerlijk kind, aan je eigen angsten, zet je een stap voorwaarts op je weg en gaat jouw licht weer sterker schijnen. Daarmee raak je ook anderen in de wereld aan, soms zonder dat je daar iets van merkt.
Je wordt geholpen op je weg. Je staat er niet alleen voor. De kosmos, de energieën om je heen, willen dat jij je weg vindt op aarde. Want het is de bedoeling dat deze aarde weer zo mooi zal zijn als dat woud, vol mysterie en in evenwicht met zichzelf.
Jullie leiden ons daarnaartoe en daarvoor danken wij jullie. Jullie zijn als fakkels van licht. Geloof daarin! Geloof in je eigen licht, en heb geduld met jezelf, met de stukken die nog niet in het licht staan. Ik geloof in jullie en zend jullie mijn licht en liefde.
© Pamela Kribbe
Tekstredactie: Ben van den Broek














